Verslagzoeker help

Verfijn uw zoekopdracht
Terug naar zoekresultaten

Vallen en opstaan

Doelgroepen:

De activiteiten binnen deze programmalijn zijn gericht op de opvang en ondersteuning van mensen die (tijdelijk) niet in hun primaire bestaansmogelijkheden kunnen voorzien. Bijvoorbeeld: ondersteuning aan (ex-)gedetineerden, ondersteuning bij de administratie van huishoudfinanciën, maatschappelijke opvang en armoedebestrijding.

Doelstelling:

De meeste activiteiten zijn gericht op het begeleiden van deelnemers, zodat zij hun leven (weer) op orde krijgen en kunnen terugkeren in de samenleving. De activiteiten zijn gericht op preventie: het voorkomen van recidive, isolement en (grotere) schulden.

Methodiek:

Maatjescontact, financieel-administratieve ondersteuning, gezinsondersteuning, bezinningsbijeenkomsten, groepsactiviteiten, voorlichtingsbijeenkomsten en trainingen. De ondersteuning is tijdelijk van aard.

In 2011 nam de vraag naar de ondersteuning van Thuisadministratie opnieuw sterk toe. De groei van veel activiteiten voor
(ex-)gedetineerden stond onder druk vanwege teruglopende overheidsfinanciering.

Opnieuw meer vraag naar Thuisadministratie

Door overheidsbezuinigingen en werkloosheid komen steeds meer huishoudens in financiële problemen. Hierdoor neemt de behoefte aan ondersteuning bij de financiële administratie toe. Deze ontwikkeling wordt nog eens versterkt door de herziening van de AWBZ en het gemeentebeleid op het gebied van schuldhulpverlening.

De werkgroepen Thuisadministratie van Humanitas merken dit. Gelukkig kon het aantal werkgroepen groeien en de kwaliteit van de ondersteuning nog beter worden geborgd dankzij een subsidie van het ministerie van SZW voor het ontwikkelen van vrijwilligerswerk op het terrein van de huishoudfinanciën, de ‘Ortega-gelden’.

In 2011 boden 1.939 vrijwilligers ondersteuning aan 7.493 huishoudens die tijdelijk niet zelfstandig hun financiële administratie kunnen voeren. Een groei van 25% ten opzichte van het jaar ervoor, waarmee de groeiverwachting ruimschoots werd overtroffen. En het einde van die groei is nog lang niet in zicht.

Deze groei heeft ook schaduwkanten. Vrijwilligers kunnen niet altijd worden ingeschakeld ter vervanging van beroepskrachten bij de gemeente; ze zijn immers niet in dezelfde mate toegerust. Een snelle groei brengt ook risico’s met zich mee voor de organisatie. De kwaliteitswerkgroep Thuisadministratie, die in 2011 is opgericht, heeft als doel de kwaliteit van de uitvoering van het programma te borgen.

Thuisadministratie werkt!

Dat Thuisadministratie een effectieve interventie is, werd in 2011 bevestigd door onderzoekers van de Universiteit van Tilburg. De dienstverlening, gericht op empowerment, is effectief. Zeker als Humanitas erin slaagt de coachende vaardigheden van de vrijwilligers nog verder te versterken. De deelnemers voelen zich geholpen en beter in staat hun zaken weer zelf ter hand te nemen.

Ook uit onderzoek naar het maatschappelijk rendement van vrijwilligersprojecten in de schuldhulpverlening blijkt dat de inzet van vrijwilligers, zoals die van Thuisadministratie, onbetaalbaar is. De besparing aan kosten voor de maatschappij is vaak (minimaal) drie keer zo hoog als de kosten besteed aan een vrijwilligersproject. Daarnaast voorkomt de extra aandacht en tijd die vrijwilligers aan een hulpvraag kunnen besteden, de kans op terugval van de betrokkenen of vermindert deze kans aanzienlijk.

Dat laatste concludeert ook het Verwey-Jonker Instituut, dat in opdracht van het ministerie van SZW de besteding van de Ortega-gelden evalueerde. Vrijwilligers staan veel dichter bij de deelnemer en kunnen ook bepaalde doelgroepen gemakkelijker bereiken dan professionele organisaties.

Gemeenten zouden nog meer overtuigd moeten worden van de meerwaarde van de inzet van vrijwilligers, stelt het Verwey-Jonker Instituut. Een uitdaging voor Humanitas en andere vrijwilligersorganisaties die deze waardevolle ondersteuning bieden. Net als het borgen van de kwaliteit van de activiteit, onder meer door uniformiteit in de ondersteuning aan te brengen (met behoud van ruimte voor maatwerk) en vrijwilligers meer te scholen op hun coachende vaardigheden, conform de aanbevelingen uit het effectiviteitsonderzoek van de Universiteit van Tilburg.

Nieuw: uitdemin.nl

Dankzij de Ortega-gelden kon in 2011 het chatproject uitdemin.nl worden gelanceerd. Uitdemin.nl maakt jongeren van 14 tot 18 jaar met beginnende schuldenproblematiek bewust van hun financiële situatie.

Via de chat kunnen zij anoniem en laagdrempelig praten met een deskundige vrijwilliger van Humanitas. Het project stelt hen in staat zelfstandig hun vragen over geld en mogelijke schulden verder op te lossen. Soms zal een vrijwilliger de jongere doorverwijzen naar een project van Humanitas (Thuisadministratie) of naar een hulpverlenende instantie. Als jongeren zich bewuster worden van hun inkomsten- en uitgavenpatroon kunnen serieuze geldproblemen op latere leeftijd worden voorkomen.

In de opstartfase in 2011 voerden de vrijwilligers veertig chatgesprekken, net iets minder dan beoogd. In 2011 concentreerde Humanitas zich op het bekender maken van het project onder jongeren, het opleiden van meer vrijwilligers en het verbeteren van de bereikbaarheid.

FairWork zelfstandig

Onder de programmalijn ‘Vallen en opstaan’ vallen de activiteiten van Bonded Labour in Nederland (BLinN), een programma dat is opgezet door Humanitas en Oxfam Novib om slachtoffers van mensenhandel te ondersteunen. In 2011 waren de totale kosten van BLinN € 1.731.397. Oxfam Novib droeg € 70.000 bij aan dit project (onder het nummer LKP-503191-0006856). 

Het landelijk project BLinN, tegenwoordig FairWork, heeft zich in de afgelopen twaalf jaar ontwikkeld tot een zeer professionele organisatie met unieke expertise en een groot netwerk op het gebied van mensenhandel in Nederland. FairWork richt zich steeds meer op het duurzaam voorkomen en bestrijden van uitbuiting en mensenhandel door middel van meer lobby, bewustwording en voorlichting en er wordt steeds minder met vrijwilligers gewerkt. Daarmee zijn de activiteiten meer en meer gaan afwijken van de core business van Humanitas en is gekozen voor verzelfstandiging van FairWork per 1 januari 2012.

Ondersteuning aan (ex-)gedetineerden verder geprofessionaliseerd

In 2011 bezochten tien bezoekgroepen van Humanitas gedetineerden in verschillende penitentiaire inrichtingen (PI’s). Drie groepen bezochten gedetineerden in een tbs-instelling. De vrijwilligers bieden gezelschap en een goed gesprek, individueel of in een groep. Zo blijven gedetineerden in contact met de samenleving, wat de terugkeer naar de maatschappij minder moeilijk maakt. In Den Haag en Amsterdam hielpen vrijwilligers ex-gedetineerden hun leven weer op de rit te krijgen. 

Humanitas en andere vrijwilligersorganisaties die in de PI’s werken, worden door de nieuwe beleidsvisie ‘Vrijwilligerswerk binnen de sanctietoepassing’ van het ministerie van Veiligheid en Justitie uitgedaagd om meer en nieuwe activiteiten te ontplooien. Dit betekende in 2011 een kwaliteitsslag en professionalisering voor Humanitas. Hierdoor is het werken met competentieprofielen, de Verklaring Omtrent het Gedrag en vrijwilligerscontracten breed ingevoerd.

Delinkwentie & Samenleving onder druk

Met het project Delinkwentie & Samenleving (D&S) wil Humanitas criminaliteit voorkomen en maatschap­pelijk perspectief geven aan ex-gedeti­neerden. De vrijwilligers van D&S, ex-gedetineerden, geven voorlichting over misdaad en straf. In 2011 hoorden ruim 50.000 (voornamelijk) scholieren uit eerste hand welke gevolgen criminaliteit heeft op het verdere leven.

De subsidie van het ministerie van Veiligheid en Justitie voor D&S wordt in 2012 afgebouwd. Daarom is in 2011 de bedrijfsvoering (personeel en huisvesting) efficiënter gemaakt. Ook het ondersteuningsaanbod is herzien. De kernactiviteit voorlichting, waarnaar veel vraag is, is voortgezet. Bovendien is het geven van voorlichting voor de vrijwilligers een uitstekende manier om hun detentieverleden te verwerken en een nieuwe richting aan hun leven te geven. De recidivecijfers van ex-gedetineerden die als voorlichter actief zijn (geweest) voor D&S liggen al jaren tussen de 17 en 20%, en dat is ruim onder het Nederlands gemiddelde van 50%.

Minder nazorg aan ex-gedetineerde moeders en hun kinderen

De ondersteuning van Gezin in Balans is gericht op het verbeteren van de relatie (communicatie) tussen (ex-)gedetineerde moeders en hun kinderen. De vrijwilligers verbeteren de opvoedingsvaardigheden van de moeder, en maken haar bekend en vertrouwd met regelingen en instanties. Het maatschappelijk isolement van de kinderen neemt af, het sociale netwerk en de maatschappelijke positie van moeder en kind worden versterkt. In 2011 bood het project opvoedingsondersteuning en gezinsbegeleiding, binnen en buiten de gevangenismuren, aan 418 moeders en hun 798 minderjarige kinderen.

De nazorg aan ex-gedetineerde moeders kwam in 2011 vanwege teruglopende (gemeentelijke) financiering verder onder druk te staan. Werden in 2010 nog 204 ex-gedetineerde moeders en hun kinderen na de detentie van moeder ondersteund, in 2011 liep dit aantal terug naar 133. Gezin in Balans kon alleen moeders ondersteunen in gemeenten die de nazorg financieren. Dankzij een bijdrage uit het Anton Jurgens Fonds konden in andere gemeenten enkele moeders en hun kinderen die zich in een zeer schrijnende situatie bevonden, ondersteuning krijgen. Ook heeft Gezin in Balans een gedeelte van de beschikbare middelen van het ministerie van Veiligheid en Justitie ingezet om een kleine groep moeders een halfjaar nazorg aan te bieden.

Uiteraard heeft Gezin in Balans de problematiek in 2011 opnieuw op de politieke agenda proberen te krijgen. Met als resultaat dat in 2012 een initiatiefnota verschijnt waarin opnieuw aandacht gevraagd wordt voor een structurele oplossing.

Het aantal deelnemers binnen de programmalijn ‘Vallen en opstaan’ is explosief gestegen. Dit is voor een groot deel toe te schrijven aan de groei van de activiteit Thuisadministratie. Ook het ondersteuningsaanbod voor
(ex-)gedetineerden is toegenomen. Ook voor 2012 verwachten we een groei van 5 % in deelnemers en vrijwilligers.

In 2012 wordt voor het eerst gewerkt met een verbeterde toerekeningssystematiek. Hierbij worden meer kosten doorberekend aan de focusprogrammalijnen uit het strategieplan. Het budget 2012 valt hierdoor binnen sommige programmalijnen aanzienlijk hoger uit. Niettemin is het budget voor 2012 verlaagd door de verzelfstandiging van FairWork.

Toegevoegd aan Mijn verslag voeg toe aan Mijn verslag

Pagina opties

Mijn verslag

0 artikelen in Mijn verslag